Yulara – Kings Canyon Resort

Dag 15

langs-lassetter

Wederom op tijd opgestaan en om kwart over acht vertrokken. Eerst 136 km Lasseter Highway terug gereden, kan niet anders. Halverwege zijn we afgeslagen en naar Kings Canyon Resort gereden waar we om een uur of twee al waren. Er is een mooie camping bij waar we heerlijk in de zon gezeten hebben! Ook de eerste dingos gezien, die leven hier en komen op de camping schooien, het is overigens wel oppassen want het zijn en blijven wilde dieren.

De rit hier naartoe was prachtig door de wildernis, rode zandduinen, veel spinifex, prachtige planten en bomen.
Op de camping zowaar draadloos internet, vrij duur maar goedkoper dan mijn dongel en traag maar het werkt en dus het blog weer bijgewerkt.

We gaan niet naar Kings Canyon zelf, is wel heel erg mooi maar we moeten keuzes maken bovendien zijn het vrij moeilijke wandelingen waar ik door omstandigheden (wrakke gewrichten) wat moeite mee heb, zeker als er een forse klim inzit, klimmen is geen probleem, dalen wel. Maar ach er blijft voldoende fraais over!

Kings Canyon Resort – Glen Helen Resort

Dag 16

Even schoonspoelen!

Even schoonspoelen!

 

We waren weer lekker op tijd, moest ook wel omdat we wisten dat we een behoorlijke ruige gravelroad voor de wielen hadden. We hebben eerst getankt, brand duur in de bush, en een Mereenie Tour Pass gekocht. Die moet je hebben als je door bepaalde Aboriginal gebieden reist, de regels zijn vrij strikt, feitelijk mag je ook niet stoppen, op een uitzichtspunt na. Maar aangezien dit midden in de wildernis is, is er ook niemand die het controleert. Met een korte stop heeft men ook geen moeite, overnachten is echter streng verboden, daar staan ook flinke boetes op.

We dachten zo’n 200 km track te krijgen maar dat viel mee want op het laatste stuk was inmiddels een prachtige weg aangelegd, er bleef zo’n 160 km over en dat konden we opdelen in redelijk, beroerd, heel beroerd en ronduit belabberd! Van droge harde stukken tot blubber en veel, heel veel kuilen! Maar de omgeving waar we doorheen trokken vergoedde alles, dat was zo verschrikkelijk mooi, heel moeilijk te beschrijven. We kwamen door zeer geaccidenteerd terrein, oud gebergte met daar tussenin heel veel groen, wederom omdat het hier zo nat geweest is, hierdoor is het track ook zo slecht. Je ziet ook vrij veel bloemen, als je stopt en goed kijkt zie je nog veel meer bloemetjes, zo teer en fijn, prachtig om te zien. Ook kwamen we langs en door diverse kreekjes waar nog water instond en daar omheen zie je altijd de prachtige ghost gums, eucalyptusbomen met een vrijwel witte stam. Ook vind je daar logischerwijs ook altijd veel andere begroeiing.

De route ging echt op en neer en slingerde zich letterlijk door het landschap. De kleuren in de outback zijn zo prachtig, zo intens, heel verzadigd ook, zeer blauwe luchten, gravelkleurig zand enz. zo enorm mooi! Het was puur genieten maar ook uitkijken voor gaten in de weg waar je niet in terecht wilt komen. De zogenaamde floodways zijn geweldig, heerlijk om doorheen te raggen, knapt de auto weer ietsie van op, met name de enorme hoeveelheid prut aan de onderzijde zijn we nu kwijt! Voor de rest ziet het arme ding er niet uit!

Uiteindelijk belandden we in de westelijke MacDonnell Ranges, een prachtig berggebied in de wijde omgeving van Alice Springs. Hier zijn veel  bezienswaardige plekken waaronder de Glen Helen Gorge waar onze camping bij het Glen Helen Resort ook aan ligt. Hier baant de Finke River zich een weg door de bergen. Heel fraai omgeven door rode rotswanden, veel ghost gums echt super mooi om te zien. Hier hebben we dan vanmiddag ook een wandeling gemaakt, we waren namelijk al om twee uur op de camping, veel vroeger dan we verwacht hadden. Dus daar een fijne wandeling gemaakt en genoten van het zonnetje. Vanmorgen vroeg was het nog koud, vanmiddag was het heerlijk warm, voor het eerst eigenlijk! Kortom een heerlijke dag langs een in alle opzichten enerverende route!

Glen Helen Resort – Alice Springs

Dag 17

Mac Donnell Ranges

Mac Donnell Ranges

 

Vandaag een vrij korte maar geweldige rit in de adembenemend mooie MacDonnell Ranges gereden. Al vrij snel zijn we afgeslagen naar Ormiston Gorge, ongeveer 6 km verwijderd van de doorgaande route. Dat waren dus zes fantastische kilometers, wat een prachtige omgeving met heel veel ghost gums, een rivier, veel prachtige planten door een bergachtig gebied.

We zijn de Ormiston Gorge in gewandeld, die was erg fraai maar we konden niet overal komen, simpelweg vanwege al het water dat er hier gevallen is, de gorge staat vol water wat natuurlijk ook weer prachtig is!

Daarna zijn we terug gereden naar de hoofdweg maar zeker nog een keer of drie gestopt om te fotograferen, het was zo mooi! Maar dat was de route door de ranges dus ook, de MacDonnell Ranges bestaan uit drie langgerekte bergruggen en wij reden dus tussen twee van die bergruggen door, het ene adembenemende uitzicht na het andere want ook hier tussendoor was het landschap erg glooiend, het ging op en neer. Dus ook hier tig keer gestopt! Er zijn hier nog veel meer gorges te bekijken en we gaan ook nog terug naar een paar plekken dichtbij Alice Springs waar we nu drie nachten blijven.

Wetende dat het druk is op de campings waren we op tijd in Alice Springs op een nette camping die dichtbij het centrum zou liggen, met de auto wel ja, lopende deden we er een dik halfuur over! Maar het was een lekkere wandeling in heerlijk niet te heet weer. We hebben even gewinkeld, o.a. een zeer gewenst cadeautje voor iemand gekocht. We zijn zo een paar uur onderweg geweest, het was leuk in het centrum te kijken, het is niet spectaculair maar hier gaan we wel heel wat inslaan omdat hier alles is, dat wordt later wel weer anders als we de bush weer ingaan.

Alice Springs – Rainbow Valley – Alice Springs

Dag 18

Rainbow Valley

Rainbow Valley

 

Vanmorgen om half tien van de camping vertrokken naar het Alice Springs Desert Park wat hier niet ver vanaf ligt. Dit is een natuurpark waar men alle woestijnvormen uit het rode centrum bijeen gebracht heeft. Deze bestaan uit woestijn rivieren die meestal droog lijken te staan maar onder het zand is wel degelijk water, deze rivieren ontspringen in de gorges in de bergen. Deze gaan over in de zogenaamde woodlands, gebieden met bomen, struiken enzovoorts en dit gaat weer over in zandwoestijn waar doorgaans ook meer groeit en bloeit dan je denkt. In dit park zijn ook dieren te vinden maar niet echt veel, het laat de leefgebieden van vele dieren zien, alles wordt uitgelegd op borden en via een audio rondleiding. Je krijgt een kastje mee waarop je de nummers in kunt geven die je in het park ziet en dan krijg je alle uitleg dat bij die nummers hoort, erg interessant. Surf maar eens naar hun website,www.alicespringsdesertpark.com.au, als je interesse hebt.

Daarna, het was toen inmiddels middag, zijn we even gaan kijken bij het graf van John Flynn, de oprichter van de Flying Doctors die hier in deze gebieden nog immer heel erg belangrijk zijn.

Vervolgens boodschappen gedaan bij Woolworths, open op zondag, daarna in eerste instantie terug gegaan naar de camping waar Hans besloot dat we nu wel naar Rainbow Valley konden gaan, dat ligt 100 km ten zuidoosten van Alice Springs en is het mooiste bij zonsondergang. Een hele dag daar besteden is veel te veel vandaar dat we nu gegaan zijn. Van die 100 km is 24 km een dirtroad die niet super was maar waar we toch redelijk goed konden doorrijden. Even na vieren waren we er en hebben er een hele tijd rondgelopen. Het is echt geweldig om te zien, een rotsformatie waarin in de kleuren enorm variëren, van wit tot diep bruin en alles er tussenin, heel grillig van vorm ook en waanzinnig mooi om te zien.

We hebben zonsondergang afgewacht en dat was meer dan de moeite waard, zo verschrikkelijk mooi, feitelijk vonden wij het nog mooier als bij Uluru. Dit ook omdat het hier alles behalve druk was en het ook veel minder koud werd. We hebben ons hier een slag in de rondte gefotografeerd.

Vervolgens terug over de dirtroad, Hans had er geen moeite mee maar ik vond het geen onverdeeld genoegen omdat het licht ook hard afnam uiteraard maar net als heen waren we ook nu in een half uur aan het einde en zijn we via Stuart Highway terug gereden naar Alice Springs. Zo donker langs een belangrijke weg maak je het bij ons niet mee, je ziet altijd wel ergens licht, zo niet hier. Tegenliggers zie je al kilometers van tevoren komen, dat is wel weer handig in het donker 😉

Al met al een hele mooie dag, veel gedaan en gezien!

Alice Springs

Dag 19

Telegraph Station

Telegraph Station

 

Deze keer een bewolkte frisse dag, wel droog en dat was belangrijk voor het deel van de was dat niet in de droger mag! Een huishoudelijk dagje dus, een hele berg was gedaan. Later boodschappen gedaan omdat we vanaf morgen de bush weer in duiken en bij McDonalds zitten internetten.

Ook hier het beroemde Telegraph Station nog bezocht, hier zijn we in 1992 ook geweest, nog steeds leuk om te zien en ook interessant hoe het hier destijds allemaal gegaan is, moet hels geweest zijn zonder de technieken van nu!

Kortom deze keer even een redelijk rustige dag, is ook wel eens lekker!

 

Alice Springs – Gemtree

Dag 20

Langs Arltunga Tourist Drive

Langs Arltunga Tourist Drive

 

Vanmorgen om even over achten alweer vertrokken. We hebben Alice Springs verlaten en zijn de Ross Highway opgegaan, deze gaat langs en door de oostelijke MacDonnell Ranges die ook ontzettend mooi zijn. We zijn hier een aantal keren gestopt, o.a. bij de Jessie Gap, een zgn. waterhole in een idyllische kloof vlak bij de weg. Na 78 km gaat de weg over in het Binns Track en dit is tevens de Arltunga Tourist Drive. Bij een toeristen route denk je aan een mooie weg waar het doorgaans druk is. Nou hier dus niet, op de 140 km dirtroad die we gereden hebben vandaag zijn we welgeteld één hele tegenligger tegen gekomen en we zijn ook door niemand gepasseerd! De dirtroad was deels prima te berijden, deels ook niet, dit kwam vooral door de vele kreken. We zouden ergens halverwege afslaan naar de Plenty Highway, na anderhalve kilometer zijn we omgedraaid, dit was niet meer dan een spoor en grotendeels door de blubber, je weet niet wat er verder op die 60 km die er komen ging nog voor obstakels zouden zijn en bovendien ook een fourwheeldrive kan vast komen te zitten in de blubber. Dit stuk rijden zou onverantwoord geweest zijn. Dus een stuk verder afgeslagen naar de Plenty Highway, dit was ook niet meer dan een smal pad maar niet nat en niet al teveel blubber, dit was redelijk te doen.

Het landschap waar we doorheen kwamen was waanzinnig mooi, bergachtig met veel kreken waar doorgaans geen water meer instaat maar in veel gevallen heeft dat er kort geleden nog wel ingestaan, dat kun je merken aan de blubber waar je dan vaak doorheen moet. We reden voor een groot deel vrij hoog over hoog gelegen vlakten waar we ook langs diverse enorme veestations kwamen. Ook op deze vlakten veel kreekjes. Alles was enorm groen voor dit deel van het land, dit verwacht je niet in het rode centrum waar dit deel toch echt ook nog bij hoort. Het was een prachtig bergachtig gebied, heel afwisselend. Het vele groen was wel fijn voor de vele zeer goed uitziende koeien die we tegenkwamen, de vleesopbrengst zal goed zijn want ze zagen er allemaal best uit, dat zal hier wel eens anders zijn. Ze hebben nu meer dan voldoende te eten.

Het was een fantastische rit en de Arltunga Tourist Drive was breed en grotendeels goed te berijden, we waren echter wel heel blij toen bij de Plenty Highway waren, die 39 km erheen waren niet gemakkelijk, wel heel erg mooi, dat weer wel!

We zijn gestopt op het Gemtree Caravan Park dat ook echt in de outback ligt, er is hier verder in de wijde omgeving niks anders. Een prachtige plek waar de zonsondergang zeer fraai was. Ondanks dat we inmiddels in de tropen aangeland zijn, zijn de avonden en nachten nog steeds heel erg koud. Vandaag overdag was het lekker, niet echt warm wel mooi weer met van die prachtige luchten.

Gemtree – Tennant Creek

Dag 21

Devils Marbles

Devils Marbles

 

Vandaag was weer een echte reisdag, dat weet je in een enorm land als dit, zeker als je alles met de auto wilt doen zoals wij dat willen.

Om 8 uur zijn we weer vertrokken en zijn naar de Stuart Highway gereden, dit is de ruim 3000 km lange weg van Adelaide naar Darwin, dwars door het land heen. De eerste 70 km reden we over de Plenty Highway en zagen we de bergen van de MacDonnell Ranges nog, aan de andere kant strekte de woestijn zich uit.

De rit ging vandaag naar Tennant Creek, in totaal 510 km waarvan 440 km recht omhoog richting noorden. De omgeving blijft redelijk afwisselend met afgesleten bergen, vlakten, rivierbeddingen en je ziet heel veel planten en vaak ook bomen, alles is nog steeds behoorlijk groen en veel planten staan in bloei wat de omgeving natuurlijk extra mooi maakt. Op een gegeven moment kwamen we langs enorme struiken met gele bloemetjes, een prachtig gezicht. Maar verder is het vrij eentonig, het enige dat je tegenkomt zijn een paar roadhouses met campings e.d. erbij, verder geen dorpen of niks. Tennant Creek is een plaatsje met 3.000 inwoners en echt een pleisterplaatsje, daarna heb je weer 600 km niks! En toch blijft het wel boeien, er zijn saaie stukken tussen maar doorgaans varieert het landschap regelmatig en blijf je je verbazen over het feit dat een land zo leeg kan zijn! Wat bewoning betreft dus, bij ons zie je altijd wel ergens gebouwen, hier dus niet!

We zijn ook bij de Devils Marbles gestopt, een gebied waar echt enorm veel enorme keien, veelal rond of ovaal,  verspreid liggen. Het is een vrij klein gebied en eigenlijk is het vreemd omdat je verder nergens meer van die keien tegenkomt. In de Dreamtime verhalen van de Aboriginals zijn dit de eieren van de regenboogslang, heel belangrijk in deze verhalen. In dat geval heeft deze heel wat eieren gelegd! Overigens vind ik de Dreamtime verhalen zeer boeiend, alles in de natuur heeft daarin een plek, een bepaald nut e.d. Ik vind het heel interessant.

We waren redelijk op tijd op de camping in Tennant Creek, het weer was inmiddels erg lekker geworden, het is hier ook een stuk zachter, dat was in de avond goed te merken. Wel lekker want tot op heden was het erg koud ’s avonds en ’s nachts, ’s morgens als we uit bed komen was het meestal niet meer dan een graad of zes of zeven en dat is behoorlijk fris! En dat terwijl iedereen thuis peentjes loopt te zweten, moet zeggen dat ik die twee dekbedden die wij ’s nachts nodig hadden dan wel aantrekkelijker vindt want dat slaapt in ieder geval beter als in die hitte.